
Met een bedrijfsmatigheidscheck anticipeert u op risico’s én op de nieuwe pachtwetgeving.
Wordt uw pachtgrond nog écht bedrijfsmatig gebruikt?
In de pachtpraktijk zien we het steeds vaker: percelen die op papier verpacht zijn, maar in de praktijk (bijna) niet meer voor bedrijfsmatige landbouw worden benut. Denk aan hobbymatig gebruik of (niet-toegestane) onderverpachting.
Een bedrijfsmatigheidscheck kan een oplossing zijn.
Waarom een bedrijfsmatigheidscheck?
Omdat pacht bedoeld is voor bedrijfsmatige landbouw: een agrarische onderneming met voldoende omvang, continuïteit en gerichtheid op opbrengst. Een periodieke check geeft verpachters grip op het feitelijke gebruik en maakt het mogelijk om tijdig bij te sturen.
Daarnaast komen andere risico’s sneller boven water. Onderverpachting is bijvoorbeeld vaak contractueel uitgesloten, maar blijkt in de praktijk regelmatig tóch voor te komen. Door actief te controleren, kunt u signaleren en ingrijpen voordat een situatie vastgroeit.
Wanneer is er (nog) sprake van bedrijfsmatige landbouw?
De beoordeling hangt af van alle omstandigheden. In de praktijk kijken we onder meer naar:
Belangrijk: deze factoren worden in onderlinge samenbouw beschouwd; en met inachtneming van de overige omstandigheden van het geval.
Bewijslast: nu én straks (richting nieuwe pachtwetgeving)
Nu ligt de bewijslast in beginsel bij de verpachter: die moet aantonen dat het gepachte niet langer bedrijfsmatig wordt gebruikt. Dat is in de praktijk vaak lastig.
Met de voorgenomen herziening van de pachtwetgeving lijkt hierin een belangrijke verschuiving te komen. Nieuw is dat bij het bereiken van de AOW-leeftijd de bewijslast omdraait: de pachter moet zélf aantonen dat de bedrijfsvoering nog steeds bedrijfsmatig is. Lukt dat, dan kan de rechter bepalen dat de verpachter de komende zes jaar geen nieuwe ontbindingsprocedure kan starten met deze omgekeerde bewijslast.
Als de verpachter binnen die periode opnieuw een vordering tot ontbinding vanwege het ontbreken van bedrijfsmatigheid instelt, is het aan de verpachter zelf om aan te tonen dat geen sprake is van bedrijfsmatig gebruik. Na afloop van die periode komt de bewijslast opnieuw op de pachter te rusten.
Conclusie: goede dossiervorming en periodieke toetsing worden alleen maar belangrijker.
Van inzicht naar actie
Een bedrijfsmatigheidscheck is daarmee niet alleen een controlemiddel, maar ook een strategisch instrument. Het helpt verpachters ervoor te zorgen dat hun landbouwgronden gebruikt worden waarvoor ze volgens de pachtwet bedoeld zijn en dat is voor de bedrijfsmatige agrariër.
Wilt u sparren over uw pachtportefeuille of benieuwd hoe zo’n check er in de praktijk uitziet? Stuur ons gerust een bericht.